Selectiecriteria

Aanbestedende decentrale overheden kunnen selectiecriteria opstellen om aanbieders te beoordelen (in tegenstelling tot gunningscriteria, die de aanbieding beoordelen). Deze criteria moeten voldoen aan de beginselen van gelijke behandeling, transparantie, objectiviteit en proportionaliteit.

Doel selectiecriteria

Het doel van selectiecriteria is:

  • beoordeling van inschrijvers op technische, economische en financiële capaciteiten ten aanzien van de invulling van de opdracht;
  • beoordeling van de integriteit en eventuele onbevoegdheid van de inschrijvers om beroepsactiviteiten te mogen uitoefenen;
  • aangeven op welke niet discriminerende wijze de nadere selectie van inschrijvers in bijvoorbeeld een niet-openbare procedure zal plaatsvinden (art. 65 richtlijn 2014/24).

Soorten selectiecriteria

Er zijn drie soorten selectiecriteria:

  1. uitsluitingsgronden;
  2. geschiktheidseisen;
  3. nadere criteria.

1. Uitsluitingsgrond

Art. 57 omschrijft facultatieve en dwingende uitsluitingsgronden. Deze gaan over negatieve omstandigheden van inschrijvers, bijvoorbeeld deelname aan een criminele organisatie en schuld aan omkoping. Zaken die de integriteit en betrouwbaarheid van de inschrijvers kunnen aantasten. Het voldoen aan uitsluitingsgronden moet (dwingend) of kan (facultatief) uitsluiting van deelname aan de aanbestedingsprocedure tot gevolg hebben.

2. Geschiktheidseisen

Art. 60 lid 3 geeft aan welke referenties gevraagd kunnen worden ter beoordeling van de financiële en economische draagkracht van de ondernemer. Lid 4 doet hetzelfde ten aanzien van de technische- en/of beroepsbekwaamheid. Art. 58 lid 3 geeft aan dat aanbestedende diensten minimumeisen aan inschrijvers en gegadigden mogen stellen inzake draagkracht. De aanbestedende dienst vermeldt in de aanbestedingsstukken of in het proces-verbaal de voornaamste redenen voor het opleggen van dergelijke eisen.

3. Nadere criteria

Naast de bovengenoemde criteria kunnen er criteria worden gesteld om te omschrijven op welke niet-discriminerende wijze de nadere selectie van inschrijvers in bijvoorbeeld een niet-openbare procedure plaats zal vinden. Bijvoorbeeld: hoe komt de aanbestedende dienst tot de minimaal vijf uit te nodigen gegadigden?

Moment van beoordelen

Bij een niet-openbare procedure, mededingingsprocedure met onderhandeling, concurrentiegerichte dialoog en het innovatiepartnerschap kan de aanbestedende overheid het minimum- of maximumaantal deelnemers bepalen dat wordt uitgenodigd tot inschrijving. Bij een niet-openbare procedure moeten dit er minimaal vijf zijn. Bij een mededingingsprocedure met onderhandeling, concurrentiegerichte dialoog en innovatiepartnerschap bedraagt het minimumaantal gegadigden drie (art. 65 richtlijn 2014/24).

Bij deze procedures gaat de beoordeling van de selectiecriteria vooraf aan de beoordeling van de gunningscriteria. Zo wordt met de selectie een trechter van in te dienen en te beoordelen aanbiedingen gemaakt. De beoordeling van de selectiecriteria vindt plaats voor het moment van de aanbesteding, in tegenstelling tot de beoordeling van de gunningscriteria die na de aanbesteding plaatsvindt. In een openbare aanbestedingsprocedure worden de selectie- en gunningscriteria in dezelfde fase beoordeeld (namelijk na het moment van de aanbesteding).

Volgorde van beoordeling

Art. 56 richtlijn 2014/24 betreft de controle van de geschiktheid en de selectie van de deelnemers. Als de uitsluitingscriteria van art. 57 zijn gecontroleerd, beoordelen de aanbestedende diensten de geschiktheid op grond van de criteria uit art. 58 (de selectiecriteria). Na de controle van de geschiktheid en de selectie van de deelnemers conform art. 56 lid 1, vindt gunning plaats op basis van de gestelde gunningscriteria.

Onderaanneming

Volgens art. 63 richtlijn/art. 2.94 lid 1 Aanbestedingswet 2012 kan de uitgekozen marktpartij zich beroepen op de financieel economische draagkracht en technische- of beroepsbekwaamheid van anderen. Inschrijvers moeten aantonen daadwerkelijk te kunnen beschikken over de voor de uitvoering noodzakelijke middelen van dochter- en onderaannemers.

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG


Jurisprudentie Selectiecriteria

Beentjes tegen Nederlandse staat

HvJ-EG, 20 september 1988. Zaak 31/87. Deze zaak gaat over het uitleggen van richtlijn 71/305 betreffende de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor de uitvoering van werken. Daarvoor diende het Hof ook het begrip ‘staat’ te definiëren zoals bedoeld wordt om te kwalificeren als aanbestedende dienst. Dit moet functioneel worden uitgelegd en een lichaam in het leven geroepen om bij de wet opgedragen taken uit te voeren valt daaronder, ongeacht of het formeel een deel uitmaakt van de overheidsadministratie.

Lees meer

Cartiera dell’Adda SpA v CEM Ambiente SpA

HvJ-EU, 6 november 2014. Zaak C-42/13. In deze zaak heeft het Hof bepaald dat wanneer aanbestedende diensten op grond van art. 45 richtlijn 2004/18 partijen kunnen uitsluiten van deelname aan een overheidsopdracht, als een aanbestedingsdocument ontbreekt. Uit de beginselen van gelijke behandeling en transparantie volgt dat aanbestedende diensten zulke ondernemers in dergelijke gevallen zelfs moeten uitsluiten zonder mogelijkheid omissies te herstellen wanneer een document ontbreekt welke in de aanbesteding op straffe van uitsluiting moet worden overlegd.

Lees meer

eVigilo Ltd tegen Priešgaisrinės apsaugos ir gelbėjimo departamentas prie Vidaus reikalų ministerijos

HvJ-EU, 12 maart 2015. Zaak C-538/13. In deze zaak stond de vraag centraal of een inschrijving onwettig kan worden verklaard omdat de gekozen inschrijver nauwe banden heeft met door de aanbestedende dienst aangewezen deskundigen die de inschrijving hebben beoordeeld.  Aanbestedende diensten zijn verplicht opdrachten te gunnen op basis van objectieve criteria waarbij het discriminatieverbod, de beginselen van transparantie en van gelijke behandeling in acht moeten worden genomen. In deze zaak heeft het Hof van Justitie EU zich gebogen over onder andere de naleving van deze beginselen.

Lees meer

Grupo Hospitalario Quirón – Departamento de Sanidad del Gobierno Vasco

HvJ-EU, 22 oktober 2015. Zaak C-552/13. Deze zaak gaat over een aanbesteding voor ondersteunende chirurgische ingrepen en bepaalde administratieve voorwaarden die daarvoor gelden. Zo zijn er in deze casus geografische voorwaarden gesteld aan de aanbesteding die in strijd zijn met de algemene beginselen van de Europese aanbestedingsregels.

Lees meer

Partner Apelski Dariusz v Zarząd Oczyszczania Miasta

HvJ-EU, 7 april 2016. Zaak C‑324/14. Het Hof van Justitie EU oordeelt in deze zaak dat er beperkingen kunnen zijn aan het recht van een inschrijver zich te beroepen op de draagkracht of bekwaamheden van een andere onderneming. Dit is met name het geval wanneer de noodzakelijke draagkracht of bekwaamheid van de onderneming waarop beroep wordt gedaan, niet kan worden overgedragen aan de inschrijver.

Lees meer

Politanò

HvJ-EU, 8 september 2016. Zaak C-225/15. Het Hof van Justitie EU oordeelt in deze zaak dat een nationale regeling, waarin eisen worden gesteld aan het bewijzen van economische en financiële draagkracht van inschrijvers, rechtmatig kan zijn indien er sprake is van een dwingende vereiste van algemeen belang en proportionaliteit.

Lees meer

Swm Costruzioni en Mannocchi Luigino

HvJ-EU, 10 oktober 2013. Zaak C-94/12. In deze zaak doet het Hof uitspraak over de geschiktheidseisen van art. 47 en 48 richtlijn 2004/18. Het Hof oordeelt dat een nationale regel die inschrijvers verbiedt om voor een zelfde kwalificatiecategorie de draagkracht van meerdere ondernemingen in te roepen in strijd is met de bepalingen van de richtlijn.

Lees meer

Nieuws Selectiecriteria

Uitspraak EU-Hof: zonder selectie geen sprake van aanbestedingsplichtige overheidsopdracht

Op 1 maart 2018 deed het Europese Hof van Justitie uitspraak in de zaak Tirkkonen. Het Hof oordeelde dat een Fins landbouwadviseringssysteem, dat qua inrichting veel lijkt op het open house-model dat in Nederland populair is bij inkoop in het sociaal domein, niet kwalificeert als een overheidsopdracht in de zin van de Europese aanbestedingsrichtlijn. Daarmee bestendigt het Hof zijn Falk Pharma-doctrine.

Lees het volledige bericht

Praktijkvragen Selectiecriteria

Is loting een geschikt middel om te bepalen wie de opdracht krijgt wanneer er twee winnaars zijn?

Bij de beoordeling van een openbare Europese aanbesteding door onze provincie, zijn er van de inschrijvingen twee gegadigden ex aequo op de eerste plaats geëindigd. De aanbestedingsdocumenten zeggen niets over welke procedure er in dit geval in werking treedt. Hoe bepalen we nu welke partij gewonnen heeft, is loting hier een geschikt middel voor?

Bekijk het antwoord

Mogen wij vragen om een garantie van indienen van offertes?

In een niet openbare aanbesteding zijn, op basis van een preselectie-document, vijf leveranciers geselecteerd die het bestek ontvangen zodat ze een offerte kunnen indienen. Op het moment dat de offertes uiterlijk binnen moeten zijn, blijkt dat niet alle geselecteerde aanbieders een offerte ingediend hebben. Zij gaven aan geen interesse of capaciteit meer te hebben.

Bekijk het antwoord

X