Openbare procedure

De openbare procedure is een van de twee ‘standaard’ Europese aanbestedingsprocedures. Deze procedure mag altijd worden toegepast bij opdrachten die boven de Europese drempelwaarden uitkomen. De openbare procedure bestaat uit één ronde. Wanneer een aanbestedende dienst bij een aanbesteding kiest voor deze procedure, moet er een oproep tot mededinging worden geplaatst. Dit gebeurt door middel van een openbare aankondiging. Hierop kan elke belangstellende ondernemer zich inschrijven (artikel 27 lid 1 Richtlijn 2014/24). Onderhandelen met inschrijvers is bij de openbare procedure niet toegestaan.

In Nederland verloopt dit aanbestedingsproces digitaal via het grootste forum voor aanbestedingen vanuit de publieke sector: TenderNed. TenderNed bestaat uit een aankondigingsplatform en een applicatie waarmee de aanbestedingen digitaal kunnen verlopen. Meer informatie over digitaal aanbesteden vindt u op onze pagina over e-aanbesteden.

Op deze pagina leest u meer over de stappen van de openbare procedure bestaat en over de geldende termijnen. Informatie over andere Europese procedures kunt u vinden via onze overzichtspagina aanbestedingsprocedures.

Stappen van de openbare procedure

In de Aanbestedingswet 2012 zijn in artikel 2.26 de stappen omschreven die een aanbestedende dienst dient te doorlopen bij een openbare procedure:

  1. De aanbestedende dienst begint met een aankondiging van de overheidsopdracht en toetst of een inschrijver valt onder een gestelde uitsluitingsgrond (sub a en b);
  2. Daarna wordt getoetst of een inschrijver voldoet aan de gestelde geschiktheidseisen (sub c). De aanbestedende dienst controleert dan of de inschrijvingen voldoen aan alle gestelde technische specificaties, eisen en normen (sub d);
  3. Vervolgens kan de aanbestedende dienst een beoordeling maken, de opdrachtverlening aan de winnaar van de aanbesteding communiceren en de gunningsbeslissing mededelen (sub f en g). Dan rest slechts het sluiten van de overeenkomst en een aankondiging van de gegunde opdracht (sub h en i).

Termijnen

Na de aankondiging geldt er een inschrijftermijn van minimaal 45 dagen vanaf verzenddatum van de aankondiging van de opdracht (artikel 2.71 lid 1 Aanbestedingswet 2012). Deze termijn wijkt af van de minimumtermijn van 35 dagen die is genoemd in artikel 27 lid 1 Richtlijn 2014/24. De Nederlandse wetgever heeft ervoor gekozen om, naar aanleiding van reacties op de internetconsultatie van het wetsvoorstel voor de herziening van de Aanbestedingswet, de ruimere termijn van 45 dagen aan te houden.

Als er een vooraankondiging bekend is gemaakt die niet als oproep tot mededinging is gebruikt, kan de termijn onder voorwaarden terug worden gebracht tot 29 dagen (artikel 2.71 lid 5 Aanbestedingswet 2012). In het geval van een urgente situatie kan een termijn van 15 dagen worden vastgesteld (artikel 2.74 sub a Aanbestedingswet 2012). Om van een urgente situatie te spreken is vereist dat er sprake is van dringende spoed ten gevolge van onvoorziene gebeurtenissen. Tevens moet er een causaal verband bestaan tussen de onvoorziene gebeurtenis en de daaruit voortvloeiende urgente situatie. In het verleden heeft de Europese Commissie in mededelingen al aangegeven dat de financiële crisis en de asielzoekerscrisis, maar ook het begin van de coronacrisis voor bepaalde opdrachten rechtvaardigen dat er een verkorte termijn wordt toegepast.