Wat zijn de aandachtspunten bij het gebruik van het innovatiepartnerschap als aanbestedingsprocedure?

februari 2019

Ons waterschap wil zich ervoor in zetten om bij de uitvoering van overheidsopdrachten innovatie en onderzoek te bevorderen. Wij weten dat de Europese aanbestedingsrichtlijn 2014/24/EU een nieuwe aanbestedingsprocedure – het zogenaamde innovatiepartnerschap – heeft geïntroduceerd. Is het innovatiepartnerschap een geschikte procedure om vernieuwing te stimuleren en waar moeten wij bij deze nieuwe procedure op letten?

Antwoord in het kort:

Het innovatiepartnerschap betreft een traject waarin de aanbestedende dienst samen met een of meerdere marktpartijen door middel van onderzoek en ontwikkeling het verlangde innovatieve product, dienst of werk ontwikkelt in gevallen waarin de markt (nog) niet kan voorzien in de vraag. Voor de aanbestedende dienst die gebruikmaakt van deze procedure is het van groot belang om zowel prestatieniveaus als de maximale kosten van het te ontwikkelen product of dienst van tevoren duidelijk af te spreken met de innoverende marktpartij, oftewel de partner in het innovatiepartnerschap.

 

Wat is het innovatiepartnerschap?

Het innovatiepartnerschap is een relatief nieuw concept in het (Europese) aanbestedingsrecht waarmee een aanbestedende dienst en één of meerdere inschrijvers samen een onderzoeks- en ontwikkelingstraject in gaan met het doel om een product, werk of dienst te vervaardigen met een hoog innovatief karakter. Het gaat hierbij om een product, werk of dienst dat op het moment van aankondiging van de opdracht nog niet op de markt verkrijgbaar is. Het is in dit praktijkgeval dan ook een logische gedachte van het waterschap om via een innovatiepartnerschap onderzoek en innovatie in de markt te stimuleren.

Hoe is het innovatiepartnerschap in de Europese regelgeving vormgegeven?

Met Richtlijn 2014/24/EU is het innovatiepartnerschap onderdeel geworden van het aanbestedingsinstrumentarium waar (decentrale) overheden gebruik van kunnen maken. Wanneer aanbestedende diensten het innovatiepartnerschap gebruiken, dient deze procedure plaats te vinden op basis van de mededingingsprocedure met onderhandeling, zoals opgenomen in artikel 29 e.v. van Richtlijn 2014/24/EU (en geïmplementeerd in artikel 2.30 e.v. van de gewijzigde Aanbestedingswet 2012).

Afspraken prestatieniveaus en maximumkosten

Artikel 31 lid 2 van de Richtlijn schrijft voor dat “het innovatiepartnerschap dient te zijn gericht op de ontwikkeling van innovatieve producten, diensten of werken en de daaropvolgende aankoop van de daaruit resulterende leveringen, diensten of werken, mits deze voldoen aan de prestatieniveaus die tussen de aanbestedende diensten en de deelnemers zijn afgesproken en onder de maximumkosten blijven”. Het is daarom belangrijk hier duidelijke afspraken over te maken met de partner(s) in het innovatiepartnerschap.

Geen verstoring van de mededinging

Uit overweging 49 van de considerans bij Richtlijn 2014/24/EU volgt dat aanbestedende diensten met het gebruik van het innovatiepartnerschap geen verstoring van de mededinging mogen creëren. De richtlijn vermeldt in deze overweging dat ‘dergelijke effecten’ die de mededinging verstoren, in sommige gevallen kunnen worden voorkomen wanneer een aanbestedende dienst een innovatiepartnerschap afsluit met meerdere partijen. Dan valt bijvoorbeeld te denken aan een partnerschap met meerdere of zelfs alle aanbieders van een markt met een zeer beperkt aanbod waardoor geen van de partijen een voordeel krijgt ten opzichte van de ander.

Marktonderzoek Innovatie

In de Memorie van Toelichting bij de wijziging van de Aanbestedingswet 2012 in 2016 wordt in de toelichting op artikel 2.31a vermeld dat een innovatief product, dienst of werk niet per definitie volledig nieuw hoeft te zijn. Het mag ook een ‘aanmerkelijke verbetering’ van een bestaand product, dienst of werk inhouden. De Memorie van Toelichting geeft daarnaast aan dat een aanbestedende dienst eerst een uitgebreid marktonderzoek dient uit te voeren, voordat het tot de conclusie komt dat producten op de markt niet kunnen voorzien in de behoefte van de aanbestedende dienst. De omvang van deze analyse is afhankelijk van het type product, werk of dienst. In de Memorie van Toelichting wordt vermeld dat de analyse kan ‘variëren van een onderzoek naar de markt in enkele Europese landen tot een wereldwijde marktanalyse’. Bij de plicht tot een wereldwijd onderzoek moet gedacht worden aan markten met een zeer beperkt aanbod. De Memorie van Toelichting noemt in dit kader de markt van zeer specialistische medische apparatuur, aangezien daar maar enkele aanbieders van zijn.

Meer informatie over het innovatiepartnerschap kunt u vinden in de notitie ‘Nieuwe Europese Aanbestedingsrichtlijnen’ van Europa decentraal.

Intellectueel eigendom

Bij het ontwikkelen van innovatieve producten, werken of diensten is het voor de aanbestedende dienst belangrijk duidelijke afspraken te maken met de inschrijver(s) bij wie de intellectuele eigendomsrechten, zoals auteursrechten of aan te vragen octrooien, naderhand komen te liggen. Indien de aanbestedende dienst deze zelf behoudt, heeft het de garantie gebruik te kunnen (blijven) maken van de uitvindingen zolang dat gewenst is. Aan de andere kant is het van belang te beseffen dat het ook aantrekkelijk voor inschrijvers om de intellectuele eigendomsrechten verwerven. De aanbestedende dienst doet er in dat geval verstandig aan een licentie af te spreken en af te nemen.

Is een waterschap als aanbestedende dienst verplicht om het uiteindelijke product af te nemen?

In beginsel is het volgens de beschrijving in de richtlijn verplicht om de leveringen, diensten of werken af te nemen. Dit is immers het doel van (de procedure van) het innovatiepartnerschap. Het is op grond van artikel 31 lid 2 van Richtlijn 2014/24/EU echter voor een aanbestedende dienst onder voorwaarden mogelijk om af te zien van het afnemen van het product, dienst of werk. Indien de uitkomst van het onderzoek en de ontwikkeling bijvoorbeeld niet voldoet aan de afgesproken prestatieniveaus of boven de afgesproken maximumkosten uitkomt, dan kan de aanbestedende dienst de samenwerking beëindigen. Dit betekent dat het in een innovatiepartnerschap van groot belang is voor aanbestedende diensten om deze eisen van tevoren zeer duidelijk te formuleren.

Conclusie

Via het innovatiepartnerschap kan innovatie uit de markt worden gehaald voor producten, diensten en werken die op het moment van uitvraag nog niet beschikbaar zijn of verdere innovatie vergen. Vereiste voor uitvoering van het innovatiepartnerschap is een voorafgaande uitgebreide marktanalyse van de aanbestedende dienst op basis waarvan kan worden geconcludeerd dat de markt op dat moment niet regulier kan voorzien in de vraag van de aanbestedende dienst en dus de innovatie uit de markt zou moeten komen. Hierbij is het voor aanbestedende diensten van belang om de minimum prestatieniveaus en maximumkosten van te voren duidelijk af te spreken en te bepalen welke partij de intellectuele eigendomsrechten verwerft. Ten slotte mag het gebruik van het innovatiepartnerschap niet leiden tot een verstoring van de mededinging.

Door:

Matthijs de Meer en Marieke Merkus, Europa decentraal

Meer informatie:

Aanbestedingen, Europa decentraal
Innovatief aanbesteden, Europa decentraal
Notitie Nieuwe Europese Aanbestedingsrichtlijnen, Europa decentraal
Mededingingsprocedure met onderhandeling, Europa decentraal
Innovatiepartnerschap in de praktijk, Pianoo

 

 

 

X